You are here: Home » Base »

Recent Comments

Recent Comments

Anonymous says:

Het is hier misschien van belang om erbij te vermelden waarom D.N. Rodowick deze concepten van Nelson Goodman aanhaalt. Dit doet hij om verder de hybride natuur van film aan te kaarten. Doordat film zowel een temporeel als ruimtelijk medium is, is het moeilijk om het te plaatsen binnen deze concepten van Goodman. Digitale film kan geen autographic art zijn omdat er geen sprake is van fysieke actie van de hand van de auteur. Het is zelfs lastig om aan te geven wie de auteur van een film is. Is het de schrijver, de regisseur of misschien de hoofdrolspeler? Ook is er geen sprake van eindproduct omdat film door digitale technologieën oneindig kan worden gemanipuleerd. Er is bij film, net als bij allographic arts, sprake van twee of misschien wel meerdere stadia. Het is echter lastig om een scheiding te maken tussen de compositie en de performance. Ook de technologische reproduceerbaarheid van film zorgt voor problemen. Want wanneer is een film niet meer het origineel? Ik ben van mening dat Rodowick deze termen in zijn boek gebruikt om nog maar eens aan te geven hoe lastig het is om film te definiëren.

Anonymous says:

Het is ook interessant om te kijken hoe die drie hoofdkarakteristieken nou eigenlijk terug komen in bestaande Gotische gebouwen, ondanks de oneindige variatie binnen de Gotiek. Als je bijvoorbeeld de Notre Dame en de cathedraal van Leon met elkaar gaat vergelijken (allebei kerken) zie je pas echt hoeveel variatie er mogelijk is. Beide kerken tonen tekenen van savageness (ornamenten tonen wat imperfecties), verschillende vormen van technieken (van heel gedetailleerd tot robuuste stukken) en een teken van terugkomende patronen binnen het gehele bouwwerk, maar de kerken lijken geenszins op elkaar. Linkjes ter verduidelijking:

http://ca.wikipedia.org/wiki/Fitxer:Catedral_de_León.jpg
http://ca.wikipedia.org/wiki/Fitxer:Cathédrale_Notre-Dame_de_Paris_-_12.jpg

Anonymous says:

Yorien, ik vraag me af wat jij precies toevoegt aan het verhaal van Kim. Jullie beschrijven allebei dat een nieuw medium eigenschappen overneemt van het medium daarvoor. De vorm en techniek van het medium verandert, dat ben ik met jullie beiden eens. De inhoud, dus de informatie die overgedragen wordt, verandert niet. Dat ben ik met Kim eens. Yorien, jij zegt dat door het gebruik van een nieuw medium de content verandert. In mijn ogen klopt dat niet. De content (inhoud) blijft hetzelfde, alleen zit het verpakt in een nieuw jasje. Daardoor kan het gebeuren dat er een andere sociale betekenis aan gegeven wordt, maar dat heeft niks met de inhoud te maken. Terecht zeg jij dat het niet gaat om wie er gelijk heeft en dat je het goed moet kunnen uitleggen op het tentamen. Maar daar wil ik nog aan toevoegen dat het vooral belangrijk is in het licht van de cursus om het begrip remediatie toe te kunnen passen binnen mediaomgevingen, waarbij een medium dus niet kan fungeren zonder een omgeving.

Anonymous says:

Leuke cartoon en zeker realistisch! Wat dacht je van Facebook, waarbij je standaardinstellingen op openbaar worden gezet, zonder dat je daar als leek enig idee van hebt? Al je informatie, makkelijk te gebruiken en misbruiken door mensen die je niet kent. Daarbij lijkt het nog eens een keer alsof het extra moeilijk wordt gemaakt om je instellingen te wijzigen. Pas als je goed gaat zoeken tussen de honderden opties van Facebook kom je dan eindelijk bij het wijzigingsmenu. En heb je je profiel eindelijk beveiligd, zoals ik heb gedaan, dan krijg je ineens een week later te horen van iemand die je wilt toevoegen, dat je onvindbaar bent. Typisch gevalletje van the Society of Control: zelfs als je je er enigszins tegen af zet, dan nog krijg je genoeg reacties om je er weer aan aan te passen, want wanneer je dit niet doet val je toch weer buiten de maatschappij.

Anonymous says:

Mooie toevoeging en gelijkenis met een link naar media is de verschuiving tussen time based media en space based media. Net als bij de societies van Deleuze kan de perceptual metastability ook toegepast worden op deze verschillende soorten media. Als er in een samenleving een time based medium centraal staat, zal er uiteindelijk ook vraag komen naar een space based medium. op die manier verschuift de focus van het ene medium naar het andere. Uiteraard zal er hierop weer een wisselwerking volgen en gebeurt er vice versa hetzelfde. Dit valt te linken aan media ecologie doordat het afhankelijk is hoe een medium zich in de samenleving manifesteert.

Anonymous says:

Je hebt goed uitgelegd wat de visies en beweegredenen zijn van de antiglobalisten, maar toch heb ik nog een kleine toevoeging.

De stroming van de antiglobalisten is een reactie op een stormachtige ontwikkeling in de maatschappij. Het internet heeft ervoor gezorgd dat iedereen op de hele wereld met elkaar in verbinding staat. Dit is de basis die de hedendaagse wereldeconomie mogelijk maakt. Alles is op elkaar afgestemd in één groot netwerk. Antiglobalisten zijn echter van mening dat de zogenaamde vrije markt niet vrij is voor iedereen.

De term antiglobalisten is een term die pas de afgelopen jaren is ontstaan en gebruikt in de media. Als we kritisch kijken kunnen we vraagtekens zetten bij de term en ons afvragen wie de term bedacht heeft. We hebben namelijk te maken met een bepaalde representatie en beeldvorming bij het grote publiek. De term antiglobalisten draagt een negatieve connotatie mee. Waarom worden ze bijvoorbeeld niet proregionalisten genoemd?

Anonymous says:

Spuybroek ziet ook vooral de relatie tussen gotiek en het digitale door alle relaties die binnen de bouwstijl aanwezig zijn. Er zijn veel elementen aanwezig in de gotische bouwstijl die los van elkaar zinloos zijn, maar in relatie tot elkaar de unieke bouwstijl vormen. Niet alleen stylistisch staan ze in relatie tot elkaar, maar ook vormen alle elementen samen de structuur die het gebouw overeind houdt. Dit maakt dat in de gotische bouwstijl relaties centraal staan, wat Spuybroek inspireerde tot zijn link met het digitale. Naar zijn mening staat bij het digitale de relatie tussen elementen immers ook centraal.

Anonymous says:

Ik zou graag wat toevoegen aan dit lemma. David Rodowick gebruikt in zijn boek ‘The Virtual Life of Film’ (2007), het concept ‘will to power’ van Friedrich Nietzsche. Binnen dit kader heeft het concept een iets andere betekenis.

Rodowick veronderstelt dat digitale informatie een ‘will to power’ heeft in relatie tot de wereld om ons heen. De overgang van de dominantie van analoge media naar digitale media speelt hier een grote rol in. Vroeger waren beelden indexicale tekens, omdat ze een referent hadden in de werkelijkheid. Door de opkomst van het digitale zijn beelden symbolen geworden. Het is als het ware abstracte materie geworden, omdat elke eenheid op ieder moment aangepast kan worden. Digitale informatie vormt dus een nieuwe werkelijkheid

Anonymous says:

Zoals je al aangeeft zijn er een aantal verschillende visies op de virtual identity. Ik zou daarbij het debat over de computergames nader willen specificeren.

Ten eerste wordt er gedebatteerd over het geweld dat vaak terug te zien is in computergames. De vraag die hierbij centraal staat is of het zien van dit geweld zou kunnen leiden tot de nabootsing ervan. Verder zou het gevaarlijk zijn dat je je niet meer bezig houdt met het hier en nu maar dat je een uitweg zoekt en vlucht (escapisme). Daarnaast zou je door het vaak spelen van games geïsoleerd kunnen raken (alienation).

Ten tweede zie je in het populaire debat een causale relatie tussen gewelddadige handelingen en gewelddadige fantasie op de computer (ofwel media effecten). Er zijn daarbij vier argumenten voor computer games:
- Catharsis: deze term is afkomstig van het theater. Op het toneel kun je gewelddadige handelingen aanschouwen, waarna het mogelijk is dat je zo gevuld bent met geweld, dat je helemaal geen zin meer hebt om echt te moorden.
- Inhibition: door het zien van verscheurende en gewelddadige beelden wordt je zo bang dat je er niets meer van wilt weten.
- Habituation: je raakt gewend aan het geweld en het doet je daardoor weinig.
- Stimulation: het daagt je actief uit om het na te leven.

Ten derde wordt er vaak gediscussieerd over de games als militaire trainingsplaats. De US Army heeft besloten om computer games te gebruiken voor de simulatie van oorlogssituaties. Ook werd het First Person Shooter spel Doom gebruikt voor training. Bij schietspellen is er vaak een sterke ideologie in werking en dat is wat ze zo gevaarlijk maakt. Bijvoorbeeld bij America’s Army, waarin je een Amerikaanse soldaat bent. Dit is marketing voor Amerika, aangezien er geen keuze is om “de vijand” te mogen zijn. Games representeren dus eigenlijk een ideologie. De makers van games hebben de keuze van het design en games zijn net als andere mediateksten of technologieën niet neutraal. Games hebben ook intertekstuele referenties naar andere mediateksten of actuele evenementen.

Games zijn uiteraard ook een vorm van virtuele realiteit. Het is de bedoeling om een immersieve ervaring te creëren en een notie van hyperrealiteit. Ze proberen ‘authentieke’ ervaringen te creëren door interfaces, framing en verschillende modes van representaties.

Anonymous says:

Hier wil ik graag aan toevoegen dat communicatief kapitalisme een nieuwe vorm van kapitalisme is doordat communicatie het middel is geworden waaraan verdiend wordt. Precies zoals jij al noemt, daaraan toevoegend de opmerking dat de waarde van communicatie is ontstaan door massamedia in de politieke context. De waarde van media is ontstaan doordat ‘media have moved into the streets’ (geen idee overigens van wie dat citaat is) en zo macht heeft gekregen om bijvoorbeeld revoluties aan te zwengelen doordat ze misstanden op een andere manier aan de kaak konden stellen en zichtbaar konden maken in het publieke domein. Iedereen heeft dus waarde bij het weer controleren van deze open stromen van communicatie ‘radical transparancy’.

Anonymous says:

Om nog even kort de verschillen tussen McLuhan en Williams te benadrukken:
McLuhan:                         
- Nieuwe media veroorzaken een radicale verandering.           
- Introductie van nieuwe media leidt altijd tot een nieuwe, structurele verandering van de maatschappij, waarbij andere media geen rol spelen. 
- Het medium wordt niet besproken. McLuhan vraagt zich  
niet af wat het materiaal is.           
- Elk medium heeft een eigen bestemming (onafhankelijk          
van human agency).

Williams:
- Verandering is afhankelijk van wat mensen doen (social shaping).
- Een meerderheid van consequenties zou tot een structurele verandering kunnen leiden.
- Wijst naar de materiële betekenis van media.
- Factoren in de maatschappij zorgen voor verandering. Het medium is gevormd in sociale processen.

Anonymous says:

Even een kleine aanvulling op het begrip genealogie: hiermee wordt ook bedoeld dat er niet gezocht wordt naar een beginpunt voor de ontwikkeling van de technologie, maar dat de geschiedenis van technologie gezien kan worden als een web van connecties tussen verschillende waarheden en verschillende instituten en praktijken. De geschiedenis als genealogie maakt het mogelijk om over de relaties tussen nieuwe media en het verleden te denken. Door middel van deze term val je niet in de valkuil van teleologie. Met teleologie wordt bedoeld dat de geschiedenis continu ontwikkeld van een soort primitieve mediatechnologie naar een betere mediatechnologie. Techniek heeft een doel en de media is een directe culminatie van historische processen. Deze leiden lineair tot een hoogtepunt. Bij teleologie kan men denken aan Howard Rheingold, Peter Weibel en Paul Mayer.

Anonymous says:

Bij het debat over social media moest ik denken aan het debat over nieuwe media, met specifiek de vraag wat er nou zo ‘nieuw’ is aan ‘new media’ en hoe je hier een goede definitie van geeft. Nieuwe media worden gepresenteerd als een breuk met het oude. Het is het begin van een nieuw tijdperk, een soort revolutie. De nieuwe media worden gezien als beter, als noodzakelijk om mee te gaan in de maatschappij. ‘Oude media’ tellen niet meer mee in de maatschappij en overigens worden oude eigenschappen van voorafgaande media toch vaak overgenomen in nieuwere media-uitingen.
Paradoxaal gezien is het juist dat gevoel van het “nieuw” dat de geschiedenis van nieuwe media belangrijk maakt. Enerzijds veranderen media hedendaags snel en lijkt het alsof we vluchten naar de toekomst, terwijl ze ons anderzijds herinneren aan het verleden. Onze gedachtes over nieuwe media zijn gebaseerd op de behoefte om een onderscheid te maken tussen dat wat nieuw zou kunnen zijn aan onze hedendaagse media en dat was onze media delen met andere media. De term blijft echter lastig te definiëren in onze snel veranderende digitale wereld.

Anonymous says:

Een toevoeging dat aan het Chance 2000 project van Schlingensief toe te voegen valt is de reden waarom er geen partijprogramma is, maar evenveel partijprogramma’s als leden. Schlingensief is namelijk van mening dat de beelden die men in het dagelijkse leven krijgt voorgeschoteld niks meer met de waarheid te maken hebben. Vooral op politiek gebied benadrukt hij hoe er alleen maar oppervlakkigheden zijn ontstaan door het toedoen van media, en diepgang veelal uitblijft in gemedieerde (politieke) boodschappen. Dit is echter niet alleen maar negatief, want we groeien volgens Schlingensief allemaal op in een omgeving gevormd door media en functioneren we over het algeheel prima. Maar er moet ook ruimte komen voor de boodschap van diegenen met minder sociale macht, zoals de werklozen, de junks, de gehandicapten. En door middel van de oprichting van een politieke partij als Chance 2000 komen we volgen Schlingensief een stapje dichter bij dit hedendaags gevormde doel.

Anonymous says:

Juist door remediation wordt er vergeten hoe het medium nou eigenlijk werkt. Een voorbeeld is de kopieermachine. Hoe kan het dat een document gekopieerd kan worden? Miguel Endara laat in “the making of ‘hero’” zien hoe hij een mechanisch apparaat nabootst. Hij gebruikt hiervoor een eigenaardige manier van een zelfportret; hij legt zijn gezicht op de plaat van de kopieermachine en bootst deze na. Door middel van het plaatsen van duizenden kleine stipjes geeft hij zijn zelfportret weer. Op deze manier kun je stellen dat hij terugkijkt naar hoe een nieuw medium eigenlijk werkt. Endara functioneert dus als het oorspronkelijk medium, waarbij de kopiermachine – die Endara nabootst – de vorm van digital mimicry is.

http://vimeo.com/miguelendara/hero

Anonymous says:

Een kleine aanvulling op dit lemma:
Wat ik begrepen heb uit Kluitenbergs essay, is dat social media vooral een aanvulling zijn op demonstraties en opstanden, maar dat het sociale contact uiteindelijk de essentiële factor is. Alleen door middel van sociale interactie, dus het optreden in de publieke sfeer, is het mogelijk in opstand te komen. In dit artikel wordt dit nog eens extra benadrukt, omdat de regering de mobiele netwerken volledig afsloot maar dit geen effect had op het terugdringen van de demonstranten. Social media blijken dus niet dé factor te zijn die de opstanden in de hand werkten, dit gebeurde uiteindelijk toch door het samenkomen in een publieke ruimte.

Anonymous says:

Toevoeging hierop: volgens Beuys kan je iedereen dan ook als een kunstenaar zien. Iedere menselijke handeling is dan een vorm van kunst. We creëren hiermee onze eigen samenleving.Politiek, wetenschap en kunst waren volgens hem één geheel. Je noemt hierbij al Beuys’ project 7000 eichen. Dit was volgens hem een erg goed voorbeeld van social sculpture.Een belangrijk punt van social sculpture is namelijk dat het participerend en interdisciplinair is, wat bij 7000 eichen absoluut het geval was. De bomen en stenen die voor dit project nodig waren werden gefinancierd door openbare debatten te organiseren. Bij deze debatten werd ook door de bevolking besproken waar de eiken in Kassel geplaats zouden worden. Zelfs bij het planten van de eiken werden de inwoners ingeschakeld.

Anonymous says:

Jay Bolter en Richard Grusin zijn de personen die dit begrip hebben vormgegeven. Ze werden geïnspireerd door de de inzichten van Marshall McLuhan over media. Het ‘nieuwe’ van nieuwe media is volgens hun de factor waardoor oudere media vernieuwd wordt. Oude media vinden zichzelf opnieuw uit door dankzij de uitdagingen die ze geboden worden door nieuwe media.

Anonymous says:

Zoals jij al zegt Ilse, verzette Spuybroek zich tegen ideeen die tot modernistische architectuur hebben geleid. Hier wil ik graag nog wat aan toevoegen. Spuybroek pleitte voor het ter plaatse vormgeven van gebouwen, het voortdurend met bepaalde problemen geconfronteerd worden en dus vanuit een ander uitgangspunt handelen. Hij zou dus walgen van het functionalisme omdat het een gevolg is van het modernisme. Hij wil geen abstracte gebouwen meer. Dit wil zeggen dat hij geen abstracte principes meer wil die keer en keer worden toegepast, maar die ergens op een gegeven moment in het proces zijn ontstaan en leven. Hij ziet in gothiek deze mogelijkheden en zette zich dus af tegen het modernisme.

Anonymous says:

Ik heb een voorbeeld van virtual die mijns inziens iets concreter is en duidelijker. Het is sport gerelateerd. Bij bijvoorbeeld de Tour de France is er sprake van het algemeen klassement waarop de totaal tijden en de onderlinge verschillen van de renners zijn weergegeven. Stel er wordt een etappe gereden. Er ontsnapt een wielrenner die tweede staat in het klassement en de klassementsleider kan niet aanhaken. Als het verschil in tijd tussen de nummer twee en een tijdens de etappe ten opzichte van de nummer een groter is dan in het algemeen klassement staat weergegeven, dan is de ontsnapte renner virtueel de leider. Maar het gaat om de verschillen op de eindstreep. Als de klassementsleider genoeg inloopt op de ontsnapper behoud hij op het eind van de dag zijn klassementstrui. En heeft de ontstapte renner niet de leiding in het klassement, terwijl hij daar dus een tijd wel virtueel in reed.

Anonymous says:

Een ander voorbeeld van de New Aestethic is afkomstig uit de vorige presidentsverkiezingen in 2008 waarin Barack Obama voor het eerst gekozen werd tot president. Tijdens de uitslagen uitzending werd er voor het eerst gebruik gemaakt van een hologram. In dit geval ging het om een live hologram van iemand die leefde en geen (re)constructie van een overleden artiest. Het gaat hierbij om zanger Will.I.Am en de beelden zijn middels volgende link te bekijken. http://www.youtube.com/watch?v=deoOTqT-SMI

Anonymous says:

Je kunt dus eigenlijk zeggen dat die hybride space onder ons bewustzijn ligt. We staan er niet bij stil dat wij eigenlijk zelf in die hybride space staan tenzij die connectie wordt verbroken of het signaal afwezig is. Hierbij kun je denken aan het internet dat opeens uitvalt of dat je geen bereik hebt met je mobiele telefoon in een bebost gebied. De hybride space brengt daarnaast ook nieuwe mogelijkheden met zich mee. Er wordt nu bijvoorbeeld ook gehandeld via de hybride space, mensen kopen steeds meer spullen via het internet. De hybride space breidt zich ook steeds meer uit. Het is er niet alleen meer in de prive sfeer maar door de mobiele telefoons (nu steeds vaker ook met internetverbinding) breidt de hybride space zich ook uit naar de publieke ruimte. De hybride space is ook een activiteit geworden die we behouden en nagaan (Facebook, Twitter etc.).

Anonymous says:

Changefulness is ook wel de karaktereigenschap die grootste raakvlak heeft met digitaliteit. Vanuit een basis van een figuur zijn er oneindig veel uitkomsten mogelijk. Het gaat niet om de vorm, maar om de organisatie. Als de organisatie staat kan deze voorkomen in allerlei uitkomsten. En dat is wat het bij digitaliteit ook om draait.  Een voorbeeld is dan ook de afbeelding die Spuybroek op pagina 23 van zijn tekst heeft geplaatst.

Anonymous says:

Daarnaast stelt Freud dat iemands personaliteit uit drie elementen bestaat: id, ego en superego.

Het id is in het menselijke psyche de bron van alle innerlijke driften. Vanaf het moment dat we geboren zijn, hebben we te maken met driften om ons van onze behoeften te voorzien. Bij het id ontbreekt elke vorm van realiteit en kan soms zelfs geen onderscheid maken tussen realiteit en fantasy.

Het superego van een persoon bestaat uit alle normen en waarden die zijn aangeleerd door familie en omgeving. Volgens Freud is deze telkens in conflict met het id.

Het ego is de grote bemiddelaar tussen het id en het superego. Ruig gezegd is het ego ‘het bewustzijn’ van de mens. Het moet ervoor zorgen dat de id en ego het met elkaar overeenkomen en de uitkomst moet ook nog eens passend in de realiteit zijn.

Anonymous says:

In het begin van de Lemma gaf Melanie al aan dat het begrip ‘virtual’ op meerdere manieren kan worden opgevat. Ik zou graag een uitgebreidere toelichting willen geven op deze verschillende betekenissen van ‘virtual’.

‘Virtual’ kun je allereerst zien als een soort van technologie, het geeft namelijk een simulatie, een alternatief van de werkelijkheid. De technologie geeft ons de toegang tot deze ‘neppe’ (fantasie)wereld, die vaak als beter wordt ervaren dan de realiteit. Toch is het verarrend als mensen deze virtuele werkelijkheid niet ‘echt’ noemen, omdat er toch ook fysieke aspecten aan verbonden zijn (je bent bijvoorbeeld bezig met een echte computer).

Ook kun je ‘virtual’ zien als dat gene wat niet nu is, wat niet huidig is. Zo kun je het verleden of de toekomst zien als een virtuele realiteit, omdat het niet nu aan de gang is, maar en soort van voorstelling is. Hierbij kun je denken aan het begrip ‘technological imaginary’, dat ook te maken heeft met een creatie van een soort van toekomstige, virtuele voorstelling. Het verlangen om in deze wereld te komen is dus sterk afhankelijk van het technologial imaginary. Het is dus van belang te onderzoeken waar dit verlangen vandaan komt en welke mogelijkheden eraan hebben meegewerkt (zoals de uitvinding van de nieuwe iPhone die een bepaald toekomstbeeld creëert).

Zoals Melanie al aangaf wordt de term ook gebruikt om begrippen als ‘virtuele realiteit’ (een door de computer gecreëerde wereld) en ‘virtuele ruimte’  (de ruimte waarin deelnemers van online communicatie het gevoel hebben zich te bevinden). Als je bijvoorbeeld aan het telefoneren bent, begeef je je niet echt waar je zit of waar de ander zit, maar ergens daartussen in.

Ten slotte is ‘virtual’ een essentieel en veel gebruikte term binnen de postmoderne cultuur. Deze cultuur gaat kort gezegd ervan uit dat technologie veel invloed heeft op het dagelijks leven.

Anonymous says:

Ik wil aan dit lemma nog een kleine toevoeging doen met betrekking tot het kunstwerk dat op de foto bovenaan het lemma te zien is. Dat er voor een wereldbol gekozen is wordt al duidelijk uit het lemma, maar daaraan mag nog toegevoegd worden dat de basis ligt in het feit dat Durham van Indiaanse afkomst is en dat waarde van de wereld als Moeder Aarde voor Durham hier zijn grondslag vindt. Indianen kijken naar beneden in plaats van naar boven, zoals de meeste religies/volken. Deze Indiaanse afkomst sluit, zoals genoemd weer mooi aan zijn gevecht tegen categorisering. Het valt daarmee samen met zijn strijd tegen grenzen van natuur en artificieel. De Indianen zijn natuurvolkeren en leven met de natuur als een, in tegenstelling tot de huidige (westerse) maatschappijen.

Anonymous says:

Ik zal het even wat meer koppelen aan het artikel van Eric Kluitenberg.

Tactical Media was, en is nog steeds geen beweging. Er is geen ultieme geboorteplaats. Het is meer een tijdelijk samengaan van verschillende werkwijzen die even makkelijk daarna weer uit elkaar gaan. Als er dan toch één punt aangewezen moet worden die belangrijk is geweest voor de verspreiding en erkenning van Tactical Media is dat de serie van Next 5 minutes festivals and Tactical Media conferences die tussen 1993 en 2003 gehouden werden in Amsterdam. In de context van deze bijeenkomsten zijn de belangrijkste teksten over Tactical Media ontstaan. Deze zijn extreem invloedrijk als het gaat om kritisch denken over de relatie tussen media, radicale politiek, andersdenkende culturen en opkomende technieken. De tekst ‘The ABC of Tactical Media’, geschreven door David Garcia en Geert Lovink (1997) geeft de meest accurate omschrijving van wat het veld inhoudt: ‘Tactical media are what happens when the cheap ‘do it yourself’ media, made possible by revolution in consumer Electronics and expanded forms of distribution are exploited by groups and individuals who feel aggrieved by or excluded from the wider culture’. Garcia en Lovink stellen dat tactical media zich onderscheiden van andere media door te participeren in gebeurtenissen in plaats van er alleen maar verslag van te doen. Het kan ook wel gekarakteriseerd worden door een speciale samenwerking tussen activisme, kunst, media en technologische experimenten. Het is het resultaat van de beschikbaarheid van nieuwe potenties die gebruikt worden door onprofessionele mediagebruikers om te gemoed te komen aan hun verlangens.

Anonymous says:

Naast de overkoepelende eigenschappen van de gotiek, zijn er ook regionale verschillen te zien:

Frankrijk

De gotische stijl in Frankrijk wordt vooral gekenmerkt door hoge gebouwen en door hun impressie van het verticale. Franse kathedralen zijn vooral styllistisch verenigingd, terwijl Engelse kathedralen juist grote diversiteit tonen. Franse kathedralen zijn ook erg compact. Ze laten nauwelijks de zijkapellen en zijbeuken zien. Duitse en Belgische kathedralen hebben veel van deze karakteristieken over genomen.

Engeland

Engelse kathedralen zijn vooral te herkennen aan hun extreme lengte en aan hun interne nadruk op het horizontale. Elke Engelse kathedraal (met uitzondering van Salisbury) heeft een extraordinaire mate van stylistische diversiteit. In Engeland kan een kathedraal dan ook in verschillende eeuwen zijn opgebouwd, waarbij er geen rekening werd gehouden met de stijl. Dit zorgde ervoor dat er geen styllistische eenheid werd gecreëerd. Engelse kathedralen zijn alles behalve compact. Door de verschillende eeuwen heen werden er zo veel mogelijk extra kapellen aangebouwd. Een ander kenmerk van Engelse kathedralen is de beeldhouwkunst. Aan de binnen- en buitenkant werden er mooie graveringen in het gesteentes gezet.

Centraal Europa

In Duitsland, Polen, Tsjechië en Oostenrijk werd de gotiek vooral gekenmerkt door zijn massieve en modulaire natuur. De gotische architectuur was da nook terug te zien in de enorme grootte van de torens en de torenspitsen. Het onderscheidende karakter van het interieur van de Duitse gothiek is hun omvang en transparantie.

Spanje en Portugal

In Spanje en Portugal zijn de gotische kathedralen vooral te herkennen aan hun ruimtelijke complexiteit. In vergelijking tot andere kathedralen zijn ze erg ruim en ze hebben vaak enorm hoge arcades. Veel van de cathedralen die in zuid-Europa te vinden zijn, worden compleet omgeven door verschillende kapellen. Net zoals in Engeland verschillen de kathedralen vaak van elkaar. Dit uit zich vooral in de toevoeging van zijkapellen en de toepassing van decoratieve details. 

Italie

Het onderscheidende karakteristiek van de Italiaanse gothiek is het gebruik van veelkleurige decoratie. De binnenkant van een Italiaanse kathedraal heeft bijvoorbeeld bogen die afwisselend zwart of wit zijn en waarin de vlakken tussenin rood zijn geverfd. De muren zijn vaak gedecoreerd met muurschilderingen en de absis met mozaïek. De opbouw van Italiaanse gothiek is vaak regulier en symmetrisch. De properties zijn in mathematisch evenwicht, alsook de bogen.

Anonymous says:

Aanhangers van de Occupy beweging gingen dan wel de straat op, maar zorgden zij daadwerkelijk voor veranderingen in de maatschappij? Ze hebben geen duidelijke oplossingen voor de problemen die zij op de kaart hebben gezet.

Naar mijn mening zou Occupy veel effectiever zijn als zij voor concrete oplossingen zouden zorgen in plaats van doelloos een plein te bezetten.

Anonymous says:

Ik zou hieraan toe willen voegen dat het in het geval van Florian Hecker, en ook in de rest van Ja, Natuurlijk en deze cursus niet zozeer gaat om een versmelting van mens en natuur (het verschil tussen deze twee is ook discussieerbaar) maar eerder als een versmelting van cultuur en natuur. Deze twee zijn namelijk wel overduidelijk verschillend voor mensen. Natuur, als de omgeving waarin we zijn geboren, een omgeving die losstaat van onszelf, en cultuur, de omgeving die wij hebben gevormd voor onszelf.
Zoals Donna Haraway zei in haar interview met Rick Dolphijn zou het de mens meer inzicht opleveren wanneer wetenschap niet als enige waarheid zou worden gezien, maar zou worden gecombineerd met natuur en kunst. Wetenschap zie ik meer als een onderdeel van cultuur dan van de mens, daarom deze reactie. Ook in het werk van Florian Hecker zien we deze samenwerking terug. De cultuur alszijnde de muziek die hij maakt en de natuur alszijnde de omgeving waarin wij ons bevinden. Deze twee hebben in zijn werk een bijzondere invloed op elkaar waardoor het kunstwerk ontstaat. Het kunstwerk is niet tastbaar, niet iets wat je kunt vastpakken. Het kunstwerk is het gevoel van participatie aan het gevoel wat Florian Hecker wilde creeren door het combineren van verschillende elementen.

Anonymous says:

Ik denk dat het goed is om nog wat aanvullende,verdiepende informatie te geven over het bewustzijn van media door de mens. Er zijn namelijk specifieke eigenschappen en ontwikkelingen binnen de Hybrid Space aan te wijzen die hieraan bij dragen; de dichtheid en/of de dikte (zoals eerder genoemd) van de Hybrid Space verandert. Deze verandering in dichtheid komt onder andere door de komst van draadloze media. De draadloze media brengt nieuwe soorten van handelingsvermogen met zich mee binnen de Hybrid Space. Dit komt doordat de relatie tussen het lichaam en de fysieke omgeving veranderd is door de draadloze media. Verplaatsingen in ruimte worden steeds meer gecoördineerd door stromen van informatie over netwerken die door miljoenen andere netwerkgebruikers kunnen worden opgepikt.  Doordat deze stromingen van informatie niet continue zijn en door vele individuen kunnen worden opgepikt, ontstaat er een complex en uitgebreid netwerk van informatie die niet makkelijk meer te onderzoeken en/of te overzien is. Hierdoor wordt de dichtheid van de Hybrid Space vooral veroorzaakt. De dichtheid en de complexiteit van het netwerk van informatie zal er aan bijdragen dat mensen zich niet goed bewust kunnen zijn van de media om hen heen.

En doordat een dicht netwerk van informatie ontstaat binnen de Hybrid Space, moeten we altijd ‘connected’ zijn. De dichtheid van de Hybrid Space zorgt er namelijk voor dat als men elektronisch geïsoleerd is, dit niet langer alleen invloed heeft op de privésfeer, maar ook in de publieke sfeer. Daarom ontstaat er volgens Kluitenberg een steeds grotere druk om altijd maar elektronisch verbonden te zijn met de wereld.

Anonymous says:

Een toevoeging hierop:
Een augmented reality probeert met name het verschil tussen de reële en virtuele wereld steeds kleiner te maken. Kenmerken hiervan zijn dat het reëel en virtueel met elkaar combineert, het is interactief en er worden drie verschillende dimensies (lengte, breedte, hoogte, diepte, tijd) gecombineerd. Voorbeelden van een toegevoegde realiteit zijn de reclameborden naast het doel bij voetbal, computerspellen, operaties met röntgenbeeld, maar ook simulatie is een toegevoegde realiteit.

Anonymous says:

In de ‘uncanny valley theory’ gaat het erom dat mensen in film de bevestiging willen krijgen dat het kunstmatig is. Dit zou door de high-framerate in The Hobbit te weinig gebeuren, waardoor mensen zich automatisch en onderbewust afzetten tegen deze nieuwe techniek en de nieuwe film.

Misschien val ik door het te ontkennen juist perfect onder de ‘uncanny valley theory,’ maar ik had tijdens het zien van de film juist het gevoel dat het door de high-framerate af en toe extra ONrealistisch was. Mijn verklaring toen was dat het door de high-framerate juist extra opvalt wanneer iets geanimeerd is. Bovendien denk ik dat ‘The Hobbit’ bij uitstek een film is waarbij je al snel doorhebt dat het allemaal kunstmatig is door de grote hoeveelheid dwergen, orks, elfen, trollen en draken in de film.

Ik heb het gevoel dat auteurs als Rodowick er te sterk van uit gaan dat mensen nog altijd analoge film als referentie gebruiken over wat film is en wat niet. Ik ben geboren in 1993, 4 jaar na de ‘death of cinema’ volgens Rodowick. Eén van de eerste films die ik me herinner is de volledig digitale film ‘Toy Story’.  Het kan natuurlijk zo zijn dat de ‘uncanny valley theory’ volledig van mij op toepassing is en ik het niet wil of kan inzien. Recensies lijken de theorie namelijk soms wel te ondersteunen.

“The Hobbit in 48 HFR en 3D is een beetje zoals een auto-ongeluk voor je neus zien gebeuren. Je beseft wel dat je het gezien hebt, maar tegelijk gaat het allemaal zo snel dat je niet echt goed weet wat je net gezien hebt.”
(http://www.moviepulp.be/16234/the-hobbit-an-unexpected-journey-3d-48-hfr-review.html)

Het komt voor de recensent te veel overeen met hoe iets in werkelijkheid wordt waargenomen. Net als in de werkelijkheid betekent dit dat dingen soms te snel gaan om te volgen. Later zegt hij: “Het neemt weer een beetje filmische charme en magie weg van het hele gebeuren.”

Kortom: de ‘uncanny valley theory’ is niet te onkrachten of bevestigen. In mijn optiek zorgt de high-framerate ervoor dat geanimeerde scènes juist opvallen. Alles is zo scherp, dat je het ook beter ziet wanneer de textuur van een object geanimeerd is. In de recensie wordt anderszijds beweerd dat je gebeurtenissen net zo worden waargenomen als in de werkelijkheid. De recensent vind dit zonde omdat de filmische charme afneemt. Hieruit blijkt dat er een duidelijk beeld heerst van wat film is en dat verhoogd fotorealisme juist afwijkt van dit beeld, wat dus goed aansluit bij de ‘uncanny valley theory’.

Anonymous says:

Om een meer “vs” karakter aan dit lemma te geven: Je kunt de Gotiek beschouwen als een veel vrijere vorm van architectuur. Het is een stroming die in tegenstelling tot vele anderen stromingen(waaronder het classicisme) veel meer creativiteit van de bouwers wordt getolereerd (Dolphijn, 2011). Dit maakt dat de Gotiek min of meer staat voor de vrijheid van meningsuiting. De Gotiek zou dan binnen onze cultuur mat de daarbij behorende normen en waarden ook sneller als beter beschouwd kunnen worden.

Anonymous says:

Heel goed stukje. Wat ik altijd in mijn achterhoofd moet houden is dat het digitale niet alleen betrekking heeft op computers. ‘we often understand the digital as “electronically computed” but the speed of electrons is actually irrelevant to the notion of computing’. Klein aanvullinkje wat je zelf onderaan al aangeeft maar het voor mij zelf en ik hoop voor anderen die het lastig vinden iets kan verduidelijken.

Anonymous says:

Milieus zijn ook niet achtergronden waarin geleefd word, maar milieus zijn veranderlijk. Ze zijn niet stabiel, juist dynamisch.

Anonymous says:

Toevoeging.
Met hybride bedoelt hij dat in deze ruimte media en belichaming niet langer parallel of oppositioneel zijn, maar naast elkaar bestaan als heterogene elementen.

Anonymous says:

Bij dit lemma wil ik een uitgewerkt voorbeeld toevoegen op basis van de kunstenaar Jimmie Durham. Durham is een kunstenaar wiens werk ingaat tegen de connotaties dat Steen heeft met architecturale, monumentalisme en monument. Dit zijn concepten van de kapitalistische cultuur. Durham gaat tegen het kapitalisme. Zijn werk roept op tot een verandering van de ideeen die wij bij Steen hebben van een kapitalistisch standpunt naar een punt waarbij steen als een natuurlijk iets wordt gezien en niet als cultuurproduct. Daarbij vind deterritorialisation plaats van de ideeen die wij bij het materiaal Steen hebben. Het geloof van mensen in een kapitalistische connotatie van steen verdwijnt dus en in de plaats daarvan komt een geloof in de natuurlijke kracht van het materiaal. De traditionele modernistische opvattingen verdwijnen dus en daarvoor in de plaats komt een geloof dat, volgens de ideeen van guatarri, dichter bij het postmodernisme ligt. De geloven van mensen veranderen dus van cultuur naar natuur.

Anonymous says:

Er wordt hier terecht gesteld dat simulacra het leven nabootsen, de term wordt namelijk gebruikt om een representatie van de werkelijkheid te omschrijven. Volgens Jean Baudrillard bootsen simulacra het leven echter niet na, het zijn geen kopieën van de werkelijkheid. Een simulacrum heeft volgens Baudrillard geen enkele relatie met wat voor werkelijkheid dan ook, ze worden een waarheid op zichzelf. Op die manier vormen ze een hyperrealiteit. Ons beeld wordt in een zodanige mate vormgegeven door deze simulacra dat we de werkelijkheid niet meer kunnen waarnemen. De simulacra creëren een werkelijkheid op zichzelf. Baudrillard noemt dit fenomeen “precession of simulacra”.

Anonymous says:

Veel Nederlanders lezen halen het laatste nieuws uit de Metro of van Nu.nl. Dit zijn nog steeds eenzijdige nieuwsmedia die maar een miniscuul deeltje van de werkelijkheid laten zien. Ook al kunnen mensen tegenwoordig makkelijk reageren en nieuws controleren, het is onmogelijk voor een individu om alle berichtgeving zo waargetrouw mogelijk tot zich te nemen. Er zullen maar weinig mensen zijn die de waarheid achter elk nieuwsbericht tot in puntjes zullen uitpluizen.

Ook zou niemand meer het nieuws raadplegen als deze constant eerlijk zouden berichten over alle gruwelen in de wereld. Dit zou teveel leed zijn om als individu te verwerken. Het is daarom maar goed dat sommige zaken onbericht blijven: Zo kunnen individuen zich richten op oneerlijke zaken die dichterbij huis liggen dan verre revoluties en oorlogen die weinig directe invloed hebben op het dagelijks leven.

Anonymous says:

Het modernisme heeft als vertrekpunt het minimalisme, de geometrie en abstractie. Dit houdt in dat het gebouw een vertoning is van de bepaalde ideeën van schoonheid. Het gebouw zou dus door zijn weergaven moeten laten zien wat mooi is. In het geval van het modernisme is dat dus strakke lijnen, symmetrie en er moet een bepaalde ordening in het gebouw zitten. In de modernistische architectuur proberen ze een bepaalde ervaring te creëren. Zo straalt een grote ontvangsthal of centrale ontvangsthal een bepaald soort macht uit, omdat mensen bijvoorbeeld naar boven moeten kijken om het gehele gebouw te zien. Hierdoor hebben mensen respect voor de mensen die in het gebouw werken. Dit is bijvoorbeeld goed terug te zien in kerken.

Het modernisme is afgeleid van het platonisme. Plato vond kunst niet mooi en hij was hierop tegen. Hij vond kunst een kopie van een kopie. Volgens Plato was er ergens een perfecte wereld en zijn wij daar een slechte afspiegeling van. Kunst zou dan weer een afspiegeling zijn van deze slechte afspiegeling. Als je een kopie maakt van iets dat al niet perfect is van zichzelf dan ben je nog verder verwijderd van de perfecte werkelijkheid aldus Plato.

Anonymous says:

Fotobewerking is echter niet alleen een praktijk die voorkomt bij digitale fotografie… Als sinds de uitvinding van analoge fotografie wordt de waarheid vervalst (propaganda, magazine covers, etc). Analoge media kunnen net zo goed de waarheid ‘faken’ als digitale; dit vind ik daarom geen manier waarop er onderscheid kan worden gemaakt tussen de twee.

Voorbeeld:
http://upload.wikimedia.org/wikipedia/commons/9/91/Voroshilov,_Molotov,_Stalin,_with_Nikolai_Yezhov.jpg

http://upload.wikimedia.org/wikipedia/commons/b/bd/The_Commissar_Vanishes_2.jpg

Anonymous says:

Florian Hecker kunnen we ook begrijpen in de niet-reguliere vorm van kunst-praktijk. Kunst is niet langer voorzien van esthetische voorwaarden. De muziek van Hecker is noch op te vangen in reguliere muziekstijl, noch onder te verdelen in bestaande muziekstijlen (genres). Kunst wordt niet ervaren in reguliere zin. Als luisteraar behoor je de frames, waarin je gewend bent om muziek te luisteren, te ontstijgen om te kunnen participeren in de beleving van Hecker’s muziek. Onze bestaande opvattingen over muziek probeert Hecker te ontstijgen door zijn onconventionele muziek. Deze onconventionele benadering zien we ook terug bij Joseph Beuys, een van de kunstenaars die centraal staan binnen deze cursus. Beide zijn op zoek naar de versmelting van mens en natuur. In die zin kunnen we zeggen dat er geen sprake is van een losstaande afzonderlijke identiteit. Integendeel, de mens is verwikkeld in allerlei culturele/sociale/politieke/natuurlijke netwerken. Hecker probeert om de verwikkelde relaties tussen en mens en natuur te achterhalen in zijn muziek. Het is ook in deze lijn dat we moeten begrijpen waarom je niet langer een luisteraar van zijn muziek bent, maar als het ware participeert en onderdeel vormt van zijn muziek. Daarmee ontdoen we als luisteraars ons van de gewende patronen om muziek te beluisteren. Het is de intentie van Hecker om op zoek te gaan naar de verbintenis tussen mens en natuur.

Anonymous says:

Misschien een goede toevoeging hieraan wat betreft het verschil tussen analoog en digitaal bij digitale media beschreven in het derde deel van het boek van Rodowick. Hij zegt dat aan de ene kant het ontologisch verschil tussen digitaal en analoog digitale media totaal anders maakt dan de analoge vorm. Maar tegelijkertijd beschouwen we het nog steeds als film, ook al is het op ontologisch niveau een heel ander medium. Door de manier waarop we cinema willen begrijpen, blijft toch het oude medium deels in stand. Hier gaat heel veel arbeid in zitten, want om digitale media zo te laten zien moet het heel goed ontworpen worden. Dit lukt niet altijd want de ervaring van tijd blijft bij digitale media altijd onmogelijk. Op heel veel andere vlakken lukt het wel om het analoge in het digitale te ‘gieten’. Het lijkt nog steeds hetzelfde medium te zijn. Juist omdat het zo erg lijkt op wat we gewend zijn gaan we er ook in geloven. Er is eigenlijk totaal geen indexicale relatie tussen digitale media en wat ze representeren. We geloven het alleen omdat we zo willen denken. Tegelijkertijd verandert er ook meer. Digitale afbeeldingen worden naar het publiek gepresenteerd als film, maar in het onderliggende proces gebeurt wel iets wat digitaal is. Om überhaupt met een digitaal medium te kunnen werken moet informatie worden omgezet. Volgens Rodowick wordt elke afbeelding informatie. Daarom wordt film ook steeds meer een communicatief medium.

Anonymous says:

Er bestaat een grote kans dat je gelijk hebt Rik.
Deleuze en Foucalt waren beide Franse filosofen, dus vermoedelijk beschreven zij alleen de situatie en de maatschappij in hun nabije omgeving, dit kan Frankrijk zijn, dit kan West-Europa zijn of de hele westerse wereld zijn. Andere landen zoals bijvoorbeeld Syrië worden dan niet meegenomen.
Het lijkt mij persoonlijk wel logisch, want het is moeilijk om de gehele wereld te omschrijven als zijnde één zelfde soort maatschappij. Zo’n beschrijving zou leiden tot een heel abstracte beschrijving of tot generalisatie.
Bovendien blijkt uit de tekst van Deleuze ook dat er mogelijk andere maatschappijen naast de opkomst van de control societies (blijven) bestaan. In de tekst van Deleuze wordt bijvoorbeeld aangehaald dat de productie naar de derde wereld-/ontwikkelingslanden wordt verplaatst. Dus waar onze maatschappij een diensteneconomie wordt, zijn in de derde wereldlanden de productie en de industrie belangrijk, zoals in die in de disciplinary societies belangrijk waren. Vermoedelijk ontwikkelde derde wereldlanden zich dus niet gelijk aan de maatschappij die Deleuze beschrijft.
Bovendien is een control society lastiger te ontplooien in bijvoorbeeld een continent als Afrika. De control society is ook een vorm van netwerkmaatschappij, maar in Afrika, waar niet overal even goede infrastructuur is en waar ook niet iedereen toegang heeft tot of bezit heeft van een bepaalde vorm van infrastructuur (o.a. wegen, maar ook Internet) is een netwerkmaatschappij veel minder vanzelfsprekend dan in westerse landen.

Er kunnen dus op andere plekken wel andere maatschappijen bestaan, als societies of sovereignty of disciplinary societies. Jouw voorbeeld van Syrië lijkt daar een bewijs van. Er bestaat echter ook een (logische) mogelijkheid dat andere maatschappijen zich ook op een andere manier zullen ontwikkelen en daarom misschien nooit een disciplinary society of control society zullen worden . Bovendien bestaat er ook de mogelijkheid dat zij zich op een andere manier hebben ontwikkeld (dan de westerse wereld) en dus ook nooit een society of sovereignty zijn geweest. Voor deze maatschappijen zou dan een andere term of andere termen moeten zijn/worden bedacht, deze worden in elk geval niet behandeld in de door ons gelezen tekst van Deleuze.

Anonymous says:

Ik vraag me af hoe Jimmie Durham precies met dit soort kunstwerken wil zeggen. Dan bedoel ik specifiek de kunstwerken waarin hij stenen op voorwerpen laat ‘vallen’. Ik heb me voor mijn presentatie(s) ook verdiept in Jimmie Durham en ben tot de volgende conclusie gekomen: Hij wil ons met zijn kunstwerken blijven triggeren en laten inzien dat alles wat je als mens doet samenhangt met de natuur.De natuur is overal, ook in de stad en in je huis. Daarnaast wil hij met het pletten van een auto en andere voorwerpen wellicht laten zien hoe afhankelijk de mensheid is geworden van technologieën. Anderzijds laat hij hiermee ook zien hoe groot de afstand tussen natuur en cultuur is geworden. De natuur slaat de cultuur als het ware terug.

Anonymous says:

Als reactie op ‘The New Aesthetic’. Er moet goed begrepen worden dat het concept van ‘The New Aesthetic’ niet kijkt naar het verleden of de toekomst, maar naar het heden. Het zorgt er, mede door de algoritmen voor, dat wij de werkelijkheid zoals hij in de hedendaagse wereld is met andere ogen bekijken. Het is als het ware dus hét nieuwe van het heden. Dit zorgt er ook voor dat wij ons als het ware laten leiden door de technologie, mede door dat het overal kan komen, omdat het concept door computers overal terecht kan komen. Dat maakt dat het concept van The New Aesthetic ook nog eens een deelbaar concept is.

Anonymous says:

Interessant om het te vergelijken!

Ik ben het voor een groot deel eens met de maker van deze cartoon. Tegenwoordig kan je niks meer op internet doen zonder dat er wordt meegekeken. Dit komt door het gebruik van `cookies´.

`Een cookie is een klein tekstbestand dat tijdens uw bezoek aan een website op uw computer wordt geplaatst. In dit tekstbestand wordt informatie opgeslagen. De website kan deze informatie bij een later bezoek weer herkennen´ ( zie http://www.consuwijzer.nl/telecom-post/internet/privacy/uitleg-cookies ).

Deze informatie kan erg handig zijn voor adverteerders omdat ze dan zien waar je in geïnteresseerd bent. Het kan zelfs voorkomen dat als je een tweede keer een vakantieaanbieding bekijkt, dat deze duurder is gemaakt. Dit doen adverteerders dan omdat ze weten dat je toch wel geïnteresseerd bent. Ook Google is slim; jou eerdere zoekopdrachten worden onthouden en advertenties worden aan jou zoekopdracht gekoppeld. Zo krijg jij altijd je ‘persoonlijke’ reclame. Een laatste voorbeeld is Facebook. Hierbij ‘verkoop’ jij (zonder dat je het misschien altijd door hebt) reclame. Door iets te ‘liken’ en daardoor kans te maken om iets te winnen, zien al jou vrienden dat jij iets leuk vindt. Mensen worden hierdoor nieuwsgierig en gaan dan ook sneller een kijkje nemen, waardoor jij dus indirect iets aanprijst.

Dit kan je inderdaad linken aan de Control Societies. Hierin is ‘code’ het ‘wachtwoord’ en dat laat meteen zien waarom ik het aan de andere kant niet eens ben met deze cartoon ontwerper. Je hebt namelijk zelf de keuze in hoeverre je mee gaat met het internet. Websites zijn tegenwoordig verplicht om te melden of ze gebruik maken van cookies. Als je ziet dat een website daar gebruik van maakt is het aan jou de keuze om deze website alsnog te bezoeken. Verder kun je je profiel instellingen bij Facebook aanpassen zodat niet iedereen jou pagina en foto’s kan bekijken. Verder moet je gewoon uitkijken en nadenken bij alles wat je op internet zet, en dat is een stukje eigen verantwoording.

Anonymous says:

Parikka geeft in dit artikel ook aan hoe we media dan óók kunnen zien. Hij omschrijft media als een een actie waarin tijd, ruimte en instanties worden samengevoegd tot één geheel. Dit proces is constant in beweging en dus veranderlijk. Tijd en ruimte moeten volgens Parikka dan ook niet langer worden gezien zoals de gebruikelijke conventies die we er nu van hebben. Ruimte is niet langer geografisch gebonden en tijd is niet langer chronologisch. Tijd en ruimte zijn dus niet langer het fundament voor acties en communicatie, maar tijd en ruimte zijn de acties en communicatie zelf. En ze zijn verbonden aan een netwerk van allerlei acties en communicatie processen.

Dit is te illustreren aan de hand van een quote uit Massumi’s artikel Fear: “Threat is the future cause of a change in the present.” Tijd wordt hier dus als niet-chronologisch beschouwt en gaat een relatie aan met een actie, waaraan deze gebonden blijft als tijd wel chronologisch gezien zou worden.

Anonymous says:

Je laat hier dus zien dat tijd en ruimte niet meer een rol spelen in media en dat het medium bepaalt hoe je het nieuws van bijvoorbeeld 9/11 ziet. Hier zou ik aan willen toevoegen wat media volgens Parikka dan wel is. Parikka stelt dat media niet alleen objecten zijn waardoor mensen met elkaar communiceren maar media is een ruimte waarin verschillende dingen met elkaar verbonden worden. Parikka ziet media niet als creatie van de mens maar als een natuurlijk en vanzelfsprekend fenomeen die niet als op zichzelf staande objecten onderzocht moeten worden maar als een ecologisch systeem. 
Verder zou je de termen ‘folding in space’ en ‘folding in time’ kunnen aanhalen als verduidelijking. Folding in space wilt zeggen (met betrekking tot jou voorbeeld) dat de aanslagen niet alleen in New York gebeurde maar eigenlijk in alle huiskamers door aanwezigheid van de media. Met folding in time bedoelt Parikka dat je na 9/11 nog steeds geconfronteerd wordt met deze gebeurtenis door de beelden die steeds weer worden herhaald.